Wanneer is het goed genoeg voor jou?

Julia vertelt me enthousiast dat ze enorm veel gedaan had op het gebied van zelfontwikkeling. Ontelbare boeken heeft ze verslonden. Vele cursussen gedaan. Misschien nog wel meer video’s op YouTube bekeken. Maar ze was er nog niet! Ze was nog niet ‘klaar’. Er kan nog heel wat verbeterd worden. Daar was ze zeker van.

 

Maar er was goede hoop hoor!
Er was een nieuwe boek uitgekomen die ze zou lezen. Daarna zou ze eindelijk gelukkig zijn. Een nieuwe video waar iedereen over sprak. Een ‘must see’ met goede tips om succesvol te zijn. En niet te vergeten de cursus waar ze zichzelf voor ingeschreven had, daar keek ze ook naar uit. Na die cursus zou haar leven een vogelvlucht nemen.

 

Eindelijk zal ze haar doel halen.
Zal ze succesvol zijn. Goed genoeg. Gelukkig zijn. Met stralende ogen kijkt ze me verwachtingsvol aan. Ik kijk terug en glimlach. Ik herken het en zie het vaker. We werken hard om nog beter, gelukkiger, mooier, etc. te zijn. We doen er alles aan om aan ‘het plaatje’ te voldoen.

Maar wat is dat plaatje? Hoe ziet dat eruit, wie bepaalt dat plaatje, vraag ik me weleens af. Hoe definieer je succesvol? Geluk? Wanneer ben je perfect? Wat betekent dat voor jou? En wanneer is het genoeg? Dat was mijn eerste vraag aan Julia.

 

Wanneer is het goed genoeg voor jou?
Een diepe stilte valt. Ze was niet echt blij met mijn vraag, dat zag ik wel. Julia had daar namelijk nog niet over na gedacht. Ze is zo lang bezig geweest om perfect te zijn, een goed mens, liefde te kennen. Zo bezig om het ideale plaatje voor de toekomst na te streven dat ze 1 ding vergeten was; en dat was haarzelf. En niet alleen haarzelf, maar ook het leven nu.

 

We leven niet gister, niet in de toekomst, we leven nu.
Nu had ik een uitdaging. Hoe ga ik dit tactisch brengen? Hoe ga ik haar vertellen dat het prima is om boeken te lezen, cursussen te volgen, video’s te bekijken maar dat aan de andere kant je bent wie je bent en je van jezelf al goed bent? Dat het de uitdaging is om NU te leven. Dat dat je veel meer opbrengt. En je een hoop boeken, cursussen, tijd, geld, inspanning en frustratie scheelt?

 

We zijn genoeg
Ik kende een van de boeken die ze gelezen had en gaf haar dat boek. Ik vroeg haar om blz. 45 open te slaan en daarvan de 2e alinea eens hardop voor te lezen. Er stond:

We zijn allemaal op zoek naar erkenning, acceptatie, gehoord en gezien worden. Om dat te krijgen zoeken we dat buiten onszelf. We zijn we bereid om hard te werken, veel geld uit te geven en diep door het stof te gaan.

Wat we vergeten is dat alles wat je wilt binnen handbereik is. Iedereen perfect is zoals hij of zij is. Als we het voor elkaar krijgen om ons zelf lief te hebben, te accepteren zoals we zijn, onszelf erkennen. Onszelf horen en zien…volgt te rest vanzelf. Automatisch.

 

Julia, las dit, was even stil en dan verschijnt er een glimlach op haar gezicht. Ze heeft de boodschap begrepen. Jij ook?

Karen van Hout

Een ja tegen een ander, is een nee tegen jezelf

Suze zag er vermoeid uit. Ze was dwars-af zoals ze zei. Tijdens ons gesprek vertelde ze dat ze altijd een gevoel van haast had, de hele dag door. Haar hart zat haar in haar keel. Bang dat al haar taken niet af kwamen. Bang dat ze haar gezin te kort zou doen. Haar vrienden. Collega’s. Bang dat ze niet goed genoeg was, niet genoeg deed.

Dientengevolge kwam ze in een patroon terecht waarin ze alleen nog maar dacht aan de volgende klus. Geen aandacht meer had voor waar ze mee bezig was en zette zichzelf op de allerlaatste plaats. s’Avonds was ze blij om in haar bed te kunnen liggen maar lag dan vervolgens de eerste uren van de nacht te piekeren over wat ze de volgende dag allemaal moest doen.

Suze staat hier niet alleen in.
Ik kon me goed voorstellen hoe ze zich voelde. Eerlijk gezegd denk ik dat iedereen zich hier min of meer wel in herkent.

Er is ook zoveel te doen! En allemaal leuk hoor! En nuttig ook. Daar niet van. Zo moeten de kinderen naar school. Op het werk moet van alles af. Het huishouden moet gedaan. Relaties onderhouden worden. Huiswerk nagekeken en overhoord. Social media gecheckt. Er moet gesport worden. Iemand doet een beroep op je en natuurlijk willig je dat verzoek in. En oh ja, eigenlijk moet je ook nog aan je zelf werken- zoals dat tegenwoordig heet.

Wanneer is het genoeg voor jou?
Deze vraag kwam binnen bij Suze. Daar had ze nog niet over nagedacht. Want wanneer is het genoeg. Waar ligt de grens. Wanneer komt het moment dat je jezelf in acht gaat nemen. Voor jezelf gaat zorgen. Suze’s vraag was veelzeggend: ’Kan ik het wel maken om meer aandacht aan mezelf te besteden?’

Kun je het wel maken om jezelf te negeren?
Tegenover jezelf, maar ook tegenover je omgeving. Wat gebeurd er als je ziek wordt? Kribbig bent omdat je te moe bent? Lichamelijke klachten krijgt omdat je lichaam klaagt. Niets meer kunt vinden of bedenken omdat je brein overuren draait? Hartkloppingen hebt omdat je bang bent dat je het niet redt? Wie wint daar wat mee?

Een ja tegen een ander, is een nee tegen jezelf.
Hier zat wat in. Eerst was ze even bang dat ze haar leven moest stil leggen. Ze lacht als ze dit zegt. Eerlijk gezegd vindt ze het dramatisch klinken. Maar ik stel haar gerust. Deze opmerking is heel begrijpelijk als je altijd maar gewend bent om te rennen. Het vooruitzicht om rustiger aan te doen kan beangstigend zijn, want wat betekent dat? Rustiger aan doen?

Een nee tegen een ander, is een ja tegen jezelf.
We besluiten klein te beginnen:

1. Veranderingen: Suze neemt zich voor om elke dag even 5 minuten te nemen om te zien wat ze allemaal doet die dag. Om even na te gaan waar er verandering in aan gebracht kan worden om de dag wat rustiger te laten verlopen. En wat blijkt? Er is altijd wel iets wat niet direct hoeft te gebeuren, waar geen brand in zit, wat een ander prima kan doen of zelfs onnodig is.

2. Vertragen: Tijd wordt altijd onderschat. Afspraken en taken duren altijd langer dan we denken. Suze begon haar tijd ruimer te plannen. Ook de tijd tussen de afspraken werden verlengd.

3. Daarna oefent ze in weigeren van verzoeken: De eerste nee was moeilijk voor haar maar het resultaat verbluffend. Het werd geaccepteerd en dat gaf haar de moed om dit verder uit te bouwen.

4. Een voor een: Taken een voor een afhandelen en daadwerkelijk afmaken gaf rust en ruimte in haar hoofd. Wat af is, daar hoeft niet meer over nagedacht te worden.

Suze’s conclusie
Waar ze bang voor was gebeurde niet. Vertragen, nee zeggen, de taken één voor één afmaken en de dag anders inplannen maakte het niet saai of traag. Ze werd er niet voor bestraft. Haar kinderen en andere dierbaren kwamen niets te kort. Sterker nog, ze kreeg meer voor elkaar. Kon er veel beter voor de ander zijn. Met veel minder moeite en stukken meer plezier.  De hartkloppingen waren weg, ze slaapt weer en voelt zich stukken vrolijker. Ze kan veel meer aan.

Ze beseft: Het is prima om goed voor jezelf te zorgen. Je bent het jezelf verplicht zelfs. Om daarna weer opgeladen weer verder te kunnen maar nu met plezier. En nu met een kloppend hart van blijdschap.

  • Karen van Hout

Work hard, Play hard ( 6 Tips)

Ken je die vriend van mij nog?
Van dat briefje van 50? Hij had zijn grote droom gevolgd: een café op het plein bij hem in de buurt.

Twee jaar later kom ik weer in gesprek met Simon. Zie zijn lege terras. Een enkeling aan de bar. Wat is er gebeurd? Simon weet het niet. Vanaf het moment dat zijn café geopend was heeft hij hard gewerkt om het tot een succes te maken.

Dag en nacht heeft hij gewerkt. De eerste zomer was super! Zijn terras zat altijd vol en men kwam graag bij hem langs om een koffie te drinken, een drankje te doen en een praatje te maken. In de maanden daarna zette zich dat voort. Hij had een omzet waar hij eerder niet eens over durfde te dromen.

Vanaf vorige zomer zakte alles in. Het terras blijft nagenoeg leeg. Zelfs de stamgasten komen nog maar sporadisch. Zijn omzet daalt snel en als het zo doorgaat zal Simon binnenkort genoodzaakt zijn te stoppen. Poef, weg droom!

Simon zucht eens diep als hij me zijn verhaal doet.
Hoe graag ook hij het tij wil keren, het lukt hem niet. Alles heeft hij al geprobeerd. Spaar acties.  Langer open. Korter open. Andere keuken. Andere muziek. Bruiloften en partijen. Zelfs karaoke avonden, iets waar hij helemaal niet van houdt.

Hij geeft aan dat hij wil onderzoeken wat hij kan doen om de situatie te verbeteren.
Hij is bekend met organisatie opstellingen en geeft aan dat hij graag op deze manier te werk zou willen gaan. Dat kan en ik nodig hem uit op de volgende bijeenkomst waarin hij zijn vraag kan onderzoeken.

De avond zelf komen we bijeen met een groep van 10 personen. Uit deze groep kiest Simon als eerste representanten voor zijn bedrijf, de klanten en hem zelf. Deze zet hij een voor een neer in de ruimte waar we zijn. Als alle drie de personen staan komt hij bij mij staan. Zo krijgt Simon de gelegenheid om van op een afstandje naar de situatie te kijken. Ik nodig hem uit om er eens om heen te lopen, om het van verschillende kanten te bekijken. Wat ziet hij?

Wat Simon ziet:
‘De klant’ staat wat vertwijfeld aan de zijlijn en doet een stap achteruit. ‘Hijzelf’ staat er uitgeblust bij en heeft zijn blik strak op het bedrijf gericht. ‘Het bedrijf’ wankelt en voelt zich ongemakkelijk bij het staren van ‘Simon’. ‘De klant’ merkt op dat ze niet goed weet wat ze met ‘Simon’ moet: ‘Vroeger maakte je nog wel een praatje, nu heb je alleen nog maar haast. Je hebt geen oog voor mij. Ik voel me niet gezien. Je hebt geen tijd meer voor mij’ vervolgt ze.

Om dit zo te zien en te horen is een hard gelag voor hem maar hij erkent dat dit de situatie is. Sinds hij de deuren geopend heeft, heeft hij geploeterd. Hij erkent dat hij steeds vermoeider werd. Uit angst dat het succes hem zou ontglippen  ging hij nog harder werken om het succes voort te laten bestaan. Dat dit het tegendeel bewerkstelligd heeft hoef je Simon niet te vertellen.

Simon beseft dat hij zijn klant hierdoor letterlijk de rug heeft toegekeerd. De cijfers beheersten zijn gedachten.

De sleutel tot succes:
Als we verder gaan en een representant voor ‘de sleutel tot succes’ inbrengen blijkt dat vrije tijd te zijn. Echte vrije tijd. Om te slapen. Te lummelen. ‘Te spelen’ zoals de desbetreffende representant zei. Goed voor zichzelf te zorgen. Zodat Simon weer ontspant.  Zodat zijn plezier en creativiteit, de gezelligheid weer de kans hebben om terug te keren.

Het inbrengen van ‘vrije tijd’ maakt dat ‘Simon’ in staat is zich om te draaien en weer aandacht te hebben voor zijn klanten. Aandacht voor dat deel wat hij het leukste vind en zo goed in is. De representant voor ‘het bedrijf’ bloeit op, blij dat hij weer wat lucht krijgt. De klanten doen een stap naar voren, blij dat Simon er weer is.

Als Simon dit ziet staan de tranen hem in de ogen. Hij beseft dat hard werken leuk is, maar dat er ook ontspanning tegenover moet staan. Dat er balans moet zijn tussen  inspanning en ontspanning. Hoe harder hij werkt, des te harder hij zal mogen ontspannen.

En dat mogen, zichzelf toestaan om ook eens vrije tijd te hebben. Zijn aandacht los te hebben van zijn zaak, was hij even vergeten.

Aan het einde van de opstelling neemt Simon zelf de plaats in van ‘zijn’ representant en ervaart wat dat inzicht met hem zal doen. Hij merkt ook dat ook hij een enorme boost hiervan krijgt. Blij kijkt hij rond enter plekke neemt hij voor om zich toe te staan om te ontspannen. Om dit echt te kunnen bewerkstelligen blijkt dat hij er goed aan doet om het cijfergedeelte meer uit te besteden.

Daarnaast heeft hij voor zichzelf een aantal voornemens opgesteld om zijn hoofd fris, zijn lijf gezond en energie op peil te houden:

  • Goed en gezond eten.
  • Blijf bewegen, ga sporten.
  • Rommel af en toe gewoon wat aan.
  • Blijf sociaal.
  • Geniet van de kleine dingen.
  • Doe iets wat je echt heel leuk vindt.

 Welke tip heb jij nog voor hem?

Vinden ze me dan nog wel aardig

 Susan
In deze blog wil ik je voorstellen aan Susan.  Haar team bestaat uit 7 personen, 4 vrouwen en 3 mannen. Ze heeft het druk, heel druk. Eerlijk geeft ze toe dat ze een beetje overloopt. Komt bijna niet toe aan haar eigenlijke leidinggevende taken en daarom heeft ze mij gevraagd om eens met haar naar haar team te kijken.

Ze vertelt dat ze het gevoel heeft dat ze niet serieus genomen wordt, wat het aansturen bemoeilijkt. Dat is lastig te accepteren want ze doet enorm haar best. Ze weet hoe druk haar teamleden zijn. Daarom helpt ze haar team en neemt werk uit handen waar het kan. Ze loopt zich uit haar sloffen voor ze. En toch lijkt over bijna alles discussies te ontstaan. Het lijkt wel of het team steeds verder inzakt, zoals ze dat noemt. ‘Vermoeiend’, verzucht ze en ze vraagt ze zich hardop af of ze wel geschikt is voor deze functie.

 

De opstelling
Terwijl Susan vertelt kijken we samen naar haar vraag. Letterlijk. Naarmate het verhaal vordert zet ze rekwisieten voor haar situatie neer. Eerst zet Susan de teamleden neer en als die staan plaatst ze zichzelf. Op het moment dat ze zichzelf neerzet ziet ze het eigenlijk al. Door zichzelf midden in het team te plaatsen neemt ze haar eigen positie niet in. Alhoewel Susan in naam wel de leidinggevende is neemt ze de leiding echter niet.

 

Het systeem
Een beetje teleurgesteld is ze toch ook. Moet ze zich buiten het team plaatsen dan? Ze merkt op dat ze toch ook onderdeel is van het team. Als leidinggevende is ze toch niet meer dan de anderen? We zijn toch gelijk aan elkaar?

Hoe kun je deze opmerking plaatsen als je het wat breder trekt Susan? Je bent onderdeel van dit systeem dat bestaat uit een leidinggevende en 7 teamleden.  En ja, iedereen is gelijkgeldig en ook gelijkwaardig maar, en hier kom het: heeft wel zijn eigen plek. En ieder heeft hierin zijn eigen verantwoordelijkheden, taken, en privileges die bij zijn of haar plek horen.

Jij hebt de plek van leidinggevende. Niet de plek van een van de andere 7 leden.  Of als 8e. En als jij je eigenlijke plek niet inneemt dan doet iemand anders dat. Dan krijg je gedoe. In dit geval in de vorm van de discussies over wie wat doet. Dat is een logische gang van zaken.

 

De plek van leidinggevende
Dit klinkt Susan logisch in de oren. Vervolgens haalt zij ‘zichzelf’ uit het team en  zoekt ze uit wat voor haar de beste plek kan zijn. Ze komt uit op een plek naast het team, dat voelt voor haar het best. Op deze plek denkt zij in staat te zijn om èn haar taken als leidinggevende uit te voeren èn toch ook genoeg dichtbij te staat om het gevoel te hebben onderdeel te zijn.

Ze merkt direct een soort rust op. Haar lichaam ontspant terwijl ze de rekwisiet voor zichzelf verzet. Deze plek die ze kiest ervaart ze als fijner, het voelt zekerder.  Ze heeft het idee dat door deze ‘zet’ de rollen, verantwoordelijkheden en taken van haar en het team uit de war gehaald worden. Wat de nodige duidelijkheid geeft.

 

Vinden ze me dan nog wel aardig
Dat is nu wat Susan bezig houdt. Op deze plek voelt het namelijk minder persoonlijk dan dat ze gewend is. Ze wil toch dat het haar teamleden goed gaat. We praten hier even over door en zo vindt ze haar eigen antwoorden. Ze beseft dat
–  ze momenteel alles naar zichzelf toetrekt, persoonlijk maakt
–  het niet nodig is om met iedereen vrienden te zijn
– door haar team constant te ontzien, ze hierdoor tegelijkertijd verantwoordelijkheid ontneemt
– ze competente leden in haar team heeft die het werk prima aankunnen
en niet onbelangrijk:
– beseft ze dat een gewenste verandering in je team bij jou zelf begint.

 

Resultaat
Door de tijd heen zie ik Susan veranderen. Bij ons laatste gesprek loopt ze anders, staat ze veel steviger. Haar stem klinkt zelfs anders en ze straalt rust uit. Susan voelt zich goed en vertelt dat ze door de door de opstelling en bijbehorende gesprekken bijna automatisch de plek ingenomen had die haar toebehoort.

Ze was zich er niet direct van bewust maar iets in haar houding was veranderd wat een andere reactie opriep bij haar team.  Dit merkte ze aan hoe snel het aantal discussies verminderden.

Susan kwam erachter dat het erg prettig is om de taken van het team bij het team te laten en tijd te hebben voor haar eigen agenda.

De grootste eye opener kwam ook als snel: het werk ging gewoon door en de gewenste resultaten werden makkelijk bereikt.

 

Een blij team
Ze leerde dat haar functie los staat van persoonlijke relaties. Ze merkte dat ze gewoon zichzelf kan blijven, leidinggevende kan zijn en als zodanig gerespecteerd wordt.

Van haar teamleden krijgt ze terug dat ze het fijn vinden dat zij haar leidinggevende rol op zich genomen heeft. Het geeft een ieder de ruimte om de eigen taken te vervullen en eigen verantwoordelijkheden op te nemen.

En de mooiste opmerking vind ik toch wel dat nu ze zich veel meer op haar eigen werk concentreert, iedereen zich vele malen meer gesteund voelen dan voorheen.

Susan’s  vertrouwen groeit met de dag.

 

  • Karen van Hout

Gedrag is niet de oorzaak

Gedrag wordt vaak aangewezen als oorzaak van een bepaalde situatie. Wat logisch is, want dat is wat we zien. Kunnen benoemen. En op ‘datgene wat we zien’ is een reactie met bijbehorende conclusie mogelijk:

-Jaap reageert altijd nukkig op een opdracht.
Volgens zijn manager is dit de oorzaak van de bedrukte sfeer in de groep.

-De 3 jarige zoon van Lisa bestiert het hele huishouden, zijn wil is wet.
In de ogen van Lisa is dat de doorzaak van de spanning tussen haar en haar echtgenoot.

 

Actie = Reactie
In ‘Een relatie heb je niet, die maak je’ heb ik al geschreven dat actie altijd een reactie uitlokt. Dus ja, als iemand zich nukkig gedraagt dan wordt daar passend op gereageerd en heeft dat zo zijn effecten op de sfeer in het team. Evenzo is het aan te nemen dat het gedrag van de zoon van Lisa spanning veroorzaakt tussen de beide ouders.


So far, so good.

Een logische oplossing zou zijn dat Jaap en het zoontje van Lisa ‘gewoon’ hun gedrag aan zouden moeten passen zodat de ongewenste effecten hiervan de wereld uit zijn. Echter, zo simpel ligt het vaak niet. Om gedrag werkelijk te kunnen veranderen moeten we kijken naar de achterliggende oorzaken. Want wat maakt dat Jaap zo nukkig reageert? Lisa’s zoon zo driftig is?

Een middel om de achterliggende oorzaken te identificeren is een, wat ik noem, systemische blik werpen. Uit te leggen als het uitzoomen op de situatie. Om dit te doen kijk je niet alleen naar het individu maar betrek je de hele omgeving waarin deze zich bevindt ( het systeem).


Het systeem
Een systeem kun je zien als een groep bij elkaar horende leden: In het geval van Jaap kijken we naar het hele team. 2015-05-16 23.17.44In het geval van Lisa’s zoontje naar het hele gezin.

Alle leden van het team en familie zijn direct of indirect aan elkaar verbonden. Alle leden beïnvloeden en worden andersom ( onzichtbaar of zichtbaar) beïnvloed door elkaar. Beweegt de een, dan beweegt de ander automatisch mee.

Een systeem ‘leeft’ volgens een aantal basisvoorwaarden van orde, plek en balans in geven en nemen en is altijd bezig om evenwicht tussen de elementen te bewaren (zelfregulerend).

 

In het systeem
Een verstoring van de genoemde basisvoorwaarden geeft disbalans. Omdat alles en iedereen in een systeem met elkaar verbonden is gaat zo’n verstoring het hele systeem aan.

Het systeem zet alles in om de balans weer te bewerkstelligen. Deze bewegingen zijn niet te zien maar wel voelbaar voor alle leden van het systeem. De reactie op deze, niet zichtbare maar zeker wel voelbare, dynamiek uit zich in zichtbaar gedrag:

– Hoe groter de bewegingen zijn om evenwicht te bewerkstelligen, des te meer ‘gedoe’ je ervaart. Dit kan uiten in bijvoorbeeld onrust, irritatie en dwangmatigheid.

– Wanneer  de balans weer hersteld is (wordt er voldaan is aan de basisvoorwaarden), dan wordt dat ervaren als ‘rust in de tent’.


Het werkt twee kanten op
Gedrag is dus niet de oorzaak maar veel vaker een uiting van iets wat zich in het systeem bevindt. Wat Jaap betreft: binnen het hele team bleek het gevoel te heersen meer te moeten geven dan terug te krijgen. Jaap was diegene die dat verwoordde in zijn gedrag.

Wat het zoontje van Lisa betrof: Het zoontje van Lisa vertoonde dwingend gedrag omdat het kind de al bestaande spanning voelde tussen de ouders. Hiermee verwoordde hij dat wat er al aan de hand was voor hij zijn huidige gedrag vertoonde.

Zoals een vriendin opmerkte: ‘Wat we ons vaak niet realiseren dat wij niet alleen onze omgeving beïnvloeden maar dat onze omgeving ons ook beïnvloedt.’ Hiermee vat ze het hele verhaal samen.

 

  • Karen van Hout

 

 

Wat haal jij voor jezelf uit dit verhaal?
Het zou leuk zijn als je een reactie achterlaat op de pagina die deze blog laat zien.

ps. Heb je vragen over deze blog? Laat het me weten.
Ken je iemand die deze blog moet lezen? Deel het gerust.

 

Hoeveel ballen hou jij hoog?

Deze mevrouw ben ik nooit meer vergeten:
Jaren geleden was ik als operatie assistente (chirurgie) af en toe werkzaam op de Poliklinische Operatiekamer. Daar verrichtten we dan kleine ingrepen die onder lokale verdoving plaats vonden. We haalden de patiënt op, brachten deze naar de kleedkamer, legden de procedure uit en ondertussen maakten wij de tafel klaar waarvan gewerkt werd. Deze werd dan ter bescherming afgedekt tot we de patiënt verder begeleidden naar de ruimte waar de ingreep plaats vond. Die bewuste middag waren we lekker bezig, het programma verliep soepel en toen gebeurde het volgende:

De dame komt binnengestormd, verzucht luidkeels dat ze er ein-de-lijk is en zet opgelucht haar enorme boodschappentas op de net opgedekte steriele tafel.

Verbouwereerd zien wij dit schouwspel aan. Ondertussen doet mevrouw nietsvermoedend haar verslag van de dag. Zo druk heeft ze het gehad. Die ene persoon had wat van haar gevraagd. Dan een ander, die ook nog een beroep op haar had gedaan. En natuurlijk staat ze voor iedereen klaar. Zo is ze. Maar ja, ze had haar werk ook nog en daar lag ook nog van alles op haar te wachten. En dan heeft ze het nog niet over haar gezin gehad. Ze heeft zoveel ballen op te houden dat ze bijna niet aan haar zelf toe komt. Met een glimlach vermeldt ze doodleuk dat ze bijna deze afspraak heeft afgezegd.


Al jonglerend wordt alles even belangrijk gevonden.
Deze mevrouw schiet mij, zoals ik al zei, regelmatig te binnen. Niet alleen door deze -eigenlijk hilarische- gebeurtenis maar ook word ik er regelmatig aan herinnerd omdat ik dit veel vrouwen zie doen. Druk zijn. Druk met alles en nog wat en dan vooral ook voor een ander. Met of zonder de neiging om zichzelf op de laatste plaats te zetten.

Vrouwen zijn er namelijk erg goed in. ‘Ballen ophouden’ zoals die mevrouw dat noemde. En niet een paar! Nee, het liefst een heleboel. En al jonglerend wordt alles even belangrijk gevonden.


Herken je dit?
De vraag is of daadwerkelijk alles zo belangrijk is. Laatst vond ik een metafoor van de Amerikaanse schrijver James Patterson die mij als antwoord op deze vraag weer even op scherp zette. Ik geef je hem hier in een vrije vertaling:

Het leven is een spel waarin je verschillende ballen hoog houdt. Deze ballen staan bijvoorbeeld voor werk, familie, gezondheid, vrienden, voorleesmoederschap, huwelijk/partnerschap en vrijwilligerswerk.

Op een dag kom je tot de ontdekking dat 1 of meerdere ballen van rubber zijn. In dit geval zijn dat de ballen werk, voorleesmoederschap en vrijwilligerswerk. De andere ballen zoals huwelijk, familie, vrienden en gezondheid zijn van glas.

Als je een rubberen bal laat vallen, stuitert die weer terug. Echter, laat je een glazen bal vallen, valt deze in duizenden stukjes kapot…………

Natuurlijk ben ik heel benieuwd wat deze metafoor voor jou doet. Het zou leuk zijn als je dat in een reactie laat weten.

Met bovengenoemde dame is het overigens goed gekomen. We hebben een nieuwe tafel opgedekt, de kleine ingreep is goed verlopen. Met een pleister op de zere plek, haar boodschappentas in de hand verliet ze ons net zo onstuimig als ze kwam om zich aan haar volgende taak van de dag te wijden.

-Karen van Hout

3 basisregels om te zijn, zoals alleen jij dat kan

Er was eens een boompje.

Een klein boompje tussen grote bomen. Hij gedroeg zich alsof hij groot was. Net zo groot als zijn mede-bomen. Wilde met ze mee doen. Keek ze naar de ogen. Lachte als zij lachten. Boog met de wind mee als zij dat deden. Stond rechtop wanneer zij rechtop stonden. Grote verhalen hing hij aan ze op.

Als kleine boom wat ook groot wilde zijn hief hij zijn takjes hoog, en hield hij zijn blaadjes strak om maar zo groot mogelijk te lijken als hij kon. Zijn aandacht op de anderen gericht.

De grote bomen keken het aan. In het begin was het wel lollig maar naarmate de tijd verstreek keerden zij langzamerhand hun aandacht af van de kleine boom die steeds krampachtiger zijn takjes omhoog hield. Zo graag hij erbij wilde horen, keerden ze zich juist van hem af.

Eenzaam staat het arme boompje tussen de grote bomen. Langzaam zakken zijn takjes enige tijd later naar beneden, de blaadjes bungelen ondervoed  naar beneden.  En dan komt het moment dat het op is. Moe gestreden staat hij er moedeloos bij. Hij snapt er niets van en voelt zich diep ellendig. Waarom hoorde hij er niet bij? Hij had toch zo z’n best gedaan ?

Na enig denkwerk besluit hij de stoute schoenen aan te trekken en het aan de vriendelijkste boom te vragen wat hij nu moet.

De vriendelijkste boom luistert hem aan.
Denkt even na en zegt: ‘Mijn jongen, zo een grote boom niet kan doen alsof hij klein is, kan een kleine boom niet doen alsof hij een grote boom is.

Het is zoals het is: Een kleine boom tussen grote bomen hoort zich te gedragen als een kleine boom tussen grote bomen.

Je anders voordoen dan je bent is als zwemmen tegen de stroming in en kost je alleen maar energie. Energie die je had kunnen gebruiken voor zorg voor jezelf. Voor het voeden van jouw wortels, jouw stam, takken en je blaadjes. Energie die je had kunnen gebruiken om te zijn wie je bent en te worden wat je hoort te worden.

We hebben hier in het bos een aantal regels:
1. Elke boom heeft zijn eigen unieke plek. Jij dus ook. Neem die in. Dat is je recht. Alleen vanaf die plek kun jij doen wat jij moet doen. Jouw eigen bijdrage leveren. Op andermans plek staan geeft alleen maar onnodige ballast zoals je ervaren hebt. Laat dat wat van een ander is bij de ander en draag alleen datgene wat bij jou hoort.

2. Wij waren hier al voordat jij dat was. Jij kwam later bij ons staan. Dat is de orde die heerst. Als nieuw boompje is het onmogelijk voor op de ouderen te lopen. Dat jij later kwam wil overigens niet zeggen dat je minder bent. Je bent net zoveel van waarde als wij. Je bent goed en waardevol zoals je bent. Juist door dat wat je bent. Onthoud dat goed!

3. En dan is er nog een derde regel: Het geven en nemen hoort in balans te zijn. Wij, grotere bomen, wisselen gelijkwaardig uit. Jij als klein boompje mag nemen van ons, grotere. We weten dat jij ons niet volledig terug kunt geven wat wij jou wel kunnen geven. Dat is niet erg, zo hoort het. Zorg op jouw beurt voor de boompjes die na jou komen, of anderen die dat nodig hebben. Dat is voldoende. Zo wordt de balans hersteld.’

Het boompje hoort het aan.
Een gevoel van opluchting stroomt door hem heen. Wat een eye- opener! Hij hoeft niet te zijn zoals de anderen! Hij mag zijn wie hij is. Het geeft niet dat hij nog niet zo’n dikke stam heeft. Nog niet zo lang is met een enorme groene kruin. Dat zou zelfs raar zijn, beseft hij nu. Hij is zoals hij is, en zo is het goed.


Epiloog:
Het boompje heeft de raad van de vriendelijkste boom opgevolgd.
Hij heeft zijn plek ingenomen en is goed voor zichzelf gaan zorgen. De energie die hij eerder in zijn omgeving stopte, stopt hij nu in zichzelf. En dat is te zien! Zijn stam is al wat dikker, de wortels wat dieper en de blaadjes glanzen in de zon. Tot zijn grote verrassing versieren bloemknoppen veelbelovend zijn kruin. Trots staat hij tussen zijn grotere vrienden.

Nòg kleinere boompjes kijken bewonderend naar hem op. Zij gedragen zich zoals hij zich gedraagt. Lachen als hij lacht. Buigen mee als hij buigt. Kijken hem naar de ogen. Willen net zo zijn als hij.

Met de les nog vers in zijn geheugen ziet hij het aan, schudt vriendelijk zijn volle kruin en zegt: ‘Geloof me! Je anders voordoen dan je bent is als zwemmen tegen de stroming in en kost je alleen maar energie. Energie die je beter kunt gebruiken voor zorg voor jezelf. Voor het voeden van jouw wortels, jouw stam, takken en je blaadjes. Energie die je beter kunt gebruiken om te zijn wie je bent. Waardoor je groeit zoals alleen jij kunt groeien. Zodat je kunt doen wat alleen jij kan doen. Je bent goed zoals je bent, en zo is het.’

– Karen van Hout