Vinden ze me dan nog wel aardig

 Susan
In deze blog wil ik je voorstellen aan Susan.  Haar team bestaat uit 7 personen, 4 vrouwen en 3 mannen. Ze heeft het druk, heel druk. Eerlijk geeft ze toe dat ze een beetje overloopt. Komt bijna niet toe aan haar eigenlijke leidinggevende taken en daarom heeft ze mij gevraagd om eens met haar naar haar team te kijken.

Ze vertelt dat ze het gevoel heeft dat ze niet serieus genomen wordt, wat het aansturen bemoeilijkt. Dat is lastig te accepteren want ze doet enorm haar best. Ze weet hoe druk haar teamleden zijn. Daarom helpt ze haar team en neemt werk uit handen waar het kan. Ze loopt zich uit haar sloffen voor ze. En toch lijkt over bijna alles discussies te ontstaan. Het lijkt wel of het team steeds verder inzakt, zoals ze dat noemt. ‘Vermoeiend’, verzucht ze en ze vraagt ze zich hardop af of ze wel geschikt is voor deze functie.

 

De opstelling
Terwijl Susan vertelt kijken we samen naar haar vraag. Letterlijk. Naarmate het verhaal vordert zet ze rekwisieten voor haar situatie neer. Eerst zet Susan de teamleden neer en als die staan plaatst ze zichzelf. Op het moment dat ze zichzelf neerzet ziet ze het eigenlijk al. Door zichzelf midden in het team te plaatsen neemt ze haar eigen positie niet in. Alhoewel Susan in naam wel de leidinggevende is neemt ze de leiding echter niet.

 

Het systeem
Een beetje teleurgesteld is ze toch ook. Moet ze zich buiten het team plaatsen dan? Ze merkt op dat ze toch ook onderdeel is van het team. Als leidinggevende is ze toch niet meer dan de anderen? We zijn toch gelijk aan elkaar?

Hoe kun je deze opmerking plaatsen als je het wat breder trekt Susan? Je bent onderdeel van dit systeem dat bestaat uit een leidinggevende en 7 teamleden.  En ja, iedereen is gelijkgeldig en ook gelijkwaardig maar, en hier kom het: heeft wel zijn eigen plek. En ieder heeft hierin zijn eigen verantwoordelijkheden, taken, en privileges die bij zijn of haar plek horen.

Jij hebt de plek van leidinggevende. Niet de plek van een van de andere 7 leden.  Of als 8e. En als jij je eigenlijke plek niet inneemt dan doet iemand anders dat. Dan krijg je gedoe. In dit geval in de vorm van de discussies over wie wat doet. Dat is een logische gang van zaken.

 

De plek van leidinggevende
Dit klinkt Susan logisch in de oren. Vervolgens haalt zij ‘zichzelf’ uit het team en  zoekt ze uit wat voor haar de beste plek kan zijn. Ze komt uit op een plek naast het team, dat voelt voor haar het best. Op deze plek denkt zij in staat te zijn om èn haar taken als leidinggevende uit te voeren èn toch ook genoeg dichtbij te staat om het gevoel te hebben onderdeel te zijn.

Ze merkt direct een soort rust op. Haar lichaam ontspant terwijl ze de rekwisiet voor zichzelf verzet. Deze plek die ze kiest ervaart ze als fijner, het voelt zekerder.  Ze heeft het idee dat door deze ‘zet’ de rollen, verantwoordelijkheden en taken van haar en het team uit de war gehaald worden. Wat de nodige duidelijkheid geeft.

 

Vinden ze me dan nog wel aardig
Dat is nu wat Susan bezig houdt. Op deze plek voelt het namelijk minder persoonlijk dan dat ze gewend is. Ze wil toch dat het haar teamleden goed gaat. We praten hier even over door en zo vindt ze haar eigen antwoorden. Ze beseft dat
–  ze momenteel alles naar zichzelf toetrekt, persoonlijk maakt
–  het niet nodig is om met iedereen vrienden te zijn
– door haar team constant te ontzien, ze hierdoor tegelijkertijd verantwoordelijkheid ontneemt
– ze competente leden in haar team heeft die het werk prima aankunnen
en niet onbelangrijk:
– beseft ze dat een gewenste verandering in je team bij jou zelf begint.

 

Resultaat
Door de tijd heen zie ik Susan veranderen. Bij ons laatste gesprek loopt ze anders, staat ze veel steviger. Haar stem klinkt zelfs anders en ze straalt rust uit. Susan voelt zich goed en vertelt dat ze door de door de opstelling en bijbehorende gesprekken bijna automatisch de plek ingenomen had die haar toebehoort.

Ze was zich er niet direct van bewust maar iets in haar houding was veranderd wat een andere reactie opriep bij haar team.  Dit merkte ze aan hoe snel het aantal discussies verminderden.

Susan kwam erachter dat het erg prettig is om de taken van het team bij het team te laten en tijd te hebben voor haar eigen agenda.

De grootste eye opener kwam ook als snel: het werk ging gewoon door en de gewenste resultaten werden makkelijk bereikt.

 

Een blij team
Ze leerde dat haar functie los staat van persoonlijke relaties. Ze merkte dat ze gewoon zichzelf kan blijven, leidinggevende kan zijn en als zodanig gerespecteerd wordt.

Van haar teamleden krijgt ze terug dat ze het fijn vinden dat zij haar leidinggevende rol op zich genomen heeft. Het geeft een ieder de ruimte om de eigen taken te vervullen en eigen verantwoordelijkheden op te nemen.

En de mooiste opmerking vind ik toch wel dat nu ze zich veel meer op haar eigen werk concentreert, iedereen zich vele malen meer gesteund voelen dan voorheen.

Susan’s  vertrouwen groeit met de dag.

 

  • Karen van Hout

Ik WIL niet op mijn moeder lijken!

‘Ik WIL niet op mijn moeder lijken,’ verzucht Anne. We schieten allebei in de lach. We weten dat zij niet de eerste en zeker niet de laatste vrouw is die we dit zullen horen verkondigen.

We weten ook dat er geen ontkomen aan is. Terwijl je je zo voorgenomen had niet op je moeder te lijken, hoor je jezelf dezelfde woorden gebruiken. Maak je je zorgen over dezelfde dingen. Loop je daar tegenaan waar je moeder ook tegenaan liep. Vertoon je precies hetzelfde gedrag.

Zo vertoont Anne, ondanks haar grote zucht naar zelfstandigheid, in werkelijkheid hetzelfde afhankelijke gedrag als haar moeder. Ze wil het niet maar het lijkt wel of ze niet anders kan. Dat dit botst, mag duidelijk zijn. Niet alleen met zichzelf maar ook met haar moeder.

 

Er is geen ontkomen aan. Als dochter ben je 50% kind van je vader, 50% kind van je moeder. Zo krijg je van elke ouder de genen mee die bepalen welke uiterlijke kenmerken je in het leven meekrijgt.

Wat we weleens vergeten is dat we niet alleen qua uiterlijk op onze familie lijken. Van generatie op generatie vindt ook energetische overerving plaats. Patronen, trauma’s, geheimen, normen en waarden worden generaties lang doorgegeven. Deze factoren zijn misschien niet zichtbaar maar zeker wel voelbaar en het effect is er niet meer minder om.

 

De kracht van het systeem. Een zeer belangrijk element in het systemisch perspectief is het collectief geweten. Onder het collectieve geweten wordt dan het “geweten” verstaan van de familie waaruit iemand voortkomt.  Dit omvat de gedragsregels, de normen en de waarden binnen het familiesysteem. Het beperkt zich niet tot het heden, maar draagt alle gebeurtenissen uit het verleden met zich mee. Deze herhalen zich totdat de cirkel doorbroken wordt.

In het systemisch werk kijk je daarom niet alleen naar het individu maar ook naar het systeem, de omgeving waarin de persoon (of vraag) zich bevindt, en wordt de levensloop hierin meegenomen.

Belangrijk is het dus om te kijken naar de achtergrond van de persoon en haar familie, meegekregen normen en waarden, opvoeding, (familie) geheimen, etc.

Deze gebeurtenissen zijn belangrijk omdat bepaalde gewoontes, normen en waarden, patronen en relaties op deze manier in een breder perspectief geplaatst worden. Dit bredere perspectief geeft ruimte en inzichten op een dusdanige manier dat men er op een andere manier naar kan kijken. Sommige zaken krijgen een andere betekenis, kunnen herkend of erkend worden. Meestal laat dit reeds een oplossing (of een eerste stap daartoe) zien.

 

De cirkel is te doorbreken. Toen Anne het patroon in haar familie herkende was dat voor haar een enorme eye opener. Waar Anna eerst een verwijtende houding naar haar moeder en diens gedrag had, was ze nu in staat om met een mildere blik naar haar te kijken. In plaats van haar moeder te verwijten om wie ze niet was, zag ze haar moeder nu echt en kon ze haar ‘nemen’ zoals ze is.

Ze besefte ook dat waar haar moeder door welke omstandigheid dan ook geen keuze had, Anne deze nu wel degelijk heeft. Dit besef haalde behoorlijk wat druk van de ketel.  Anne was nu in staat om ook anders naar zichzelf te kijken en te accepteren dat ‘het is zoals het is’.

Door de strijd met ‘hoe het zou moeten zijn’ los te laten kwam er ruimte om te onderzoeken waar het betreffende patroon vandaan kwam. De oorzaak bleek generaties terug gevormd te zijn. Door de inzichten die ze verkreeg en het werk wat we samen hebben gedaan is het voor haar nu klaar, opgeruimd. Ze omschrijft het als een last die van haar schouders gevallen is.

Voor Anne kunnen nu zowel de afhankelijkheid als de zelfstandigheid naast elkaar bestaan en kiest ze voor zichzelf per moment welke voor haar het meeste geldt. Vrij om te zijn wie ze is.

  • Karen van Hout

Een relatie heb je niet, die maak je. (4 tips)

Een relatie heb je niet, die maak je.
Een zin die ik veel gebruik. Die af en toe stof doet opwaaien, maar meestal bijval krijgt. Want als je deze tot je door laat dringen besef je dat het waar is. In deze blog leg ik aan de hand van een voorbeeld uit waarom dit is en geef ik je 4 tips om op een iets andere manier, dan je misschien gewend bent, naar je relaties te kijken.

In een eerdere blog heb ik de relatie tussen twee collega’s beschreven.  In eerst instantie konden Martin en Jeanette het heel goed met elkaar vinden. Na een verschuiving van functies, waarbij Martin een nieuwe functie kreeg en Jeanette Martin’s oude functie op zich nam,  werd de sfeer tussen hen om te snijden. Ze waren ervan overtuigd dat ze een slechte relatie hadden.

Vele gesprekken hebben tevergeefs plaats gevonden. Situaties en incidenten werden uitgebreid besproken. De schuldvraag bleef heen en weer geschoven worden. Ze kwamen er niet uit.


1.Onderstroom
Zowel Martin als Jeanette begrepen dat, om de oplossing te vinden, het nodig was om onder de oppervlakte te kijken. Om de dynamiek tussen hen zichtbaar, en dus bespreekbaar, te maken is een systemische opstelling* gedaan. Daarnaast kwam het volgende aan de orde:

2. Ontschuldiging
In het systemisch gedachtegoed wordt niet over goed of fout gesproken. Het is zoals het is. Het gebeurt zoals het doet. Niet meer, niet minder. Martin en Jeanette stopten met elkaar als schuldige aan te wijzen.

3. Processen & Patronen
Zonder de sluier van schuld kon er vrij gekeken worden naar het proces tussen de twee. Er was voor beiden ruimte te zien wat Jeanette zoal deed, wat effect had op Martin. En wat Martin deed, wat effect had op Jeanette.

Een, tot op dat moment onbewust, patroon werd duidelijk. Martin bleef bij Jeanette over haar schouder mee kijken: Wat doet zij met zijn werk, gaat dat wel goed, moet hij niet ingrijpen? Jeanette voelde dat heel goed aan, ergerde zich hier ontzettend aan en wilde hier niets van weten en keerde hem de rug toe.

 4. Invloed ipv controle
Om een, in onze ogen, betere relatie te krijgen hebben we de neiging de ander te willen veranderen. In plaats van de ander te willen veranderen ( dus de relatie te willen ‘controleren’) is het slimmer om te zien hoe je deze kunt beïnvloeden.

Hiervoor dien je zo flexibel mogelijk te zijn.  Als jij flexibel kunt omgaan met wat de ander doet en dus je eigen reactie kunt veranderen, dan heb jij controle over wat er in het systeem tussen jou en die ander bestaat. Een andere actie brengt een andere reactie: Een verandering van jouw kant brengt een andere relatie met zich mee.

 

Een relatie heb je niet, die maak je.
Als je wilt weten wat een relatie goed of slecht maakt is het dus interessant om er achter  te komen wat maakt dat het escaleert tussen twee of meerdere personen. Of wat het is waarom een relatie juist goed gaat.

Jeanette en Martin waren er in eerst instantie van overtuigd dat ze een slechte relatie hadden. Door op bovenstaande manier naar hun relatie te kijken werd het hen duidelijk dat zij de relatie slecht ‘maakten’.  Ze zagen in welk invloed zij ( bewust en/of onbewust) op elkaar uitoefenden en wat zij konden doen opdat hun relatie verbeteren zou. Deze inzichten pasten zij toe.

In het kort: Als eerste gaven Jeanette en Martin elkaar wat meer ruimte. Jeanette kreeg weer lucht, was in staat van haar eiland af te komen en Martin in zijn werk te erkennen. Deze erkenning deed hem goed. Hij besefte op zijn beurt dat hij zijn oude functie nooit los heeft kunnen laten.  Hij besefte ook dat die nu in Jeanette’s vakkundige handen lag en niet meer zijn verantwoordelijkheid was. Met dit inzicht was Martin in staat zijn oude functie los te laten en zich te concentreren op zijn eigen nieuwe taken.

Zo maakten zij van een slechte relatie een goede relatie. En dat doen ze nog steeds. Tussen hun is nu lucht en ruimte en iets wat eerder niet meer denkbaar was: wederzijds begrip, respect en zelfs overleg.

Wil je eens een opstelling meemaken? Noteer dan 27 oktober in je agenda en reserveer hier je plek.

  • Karen van Hout

Een reis langs de achterkant van woorden

Goed nieuws voor alle schrijvers: jouw verhaal bestaat al.
Met een systemische werkwijze en behulp van jouw belevingswereld ben je in staat dit verhaal te ‘pakken’. Systemisch coach/counsellor Karen van Hout blogt over deze verrassende aanpak om langs de achterkant van de woorden jouw verhaal tot leven te brengen.

Je loopt al langer rond met het idee dat ene boek te schrijven.
Jouw verhaal te vertellen. Eindelijk kom je er aan toe de daad bij het woord te voegen. Enthousiast begin je aan de eerste hoofdstukken.


En ergens onderweg gebeurt het.
Er is iets aan de hand maar je weet niet wat. De flow is op. Er is geen binding met je personage. Je weet niet hoe je verder moet of misschien voel je dat de verhaallijn niet klopt. Je twijfelt over dat andere personage, hoort die er wel bij? Klopt die ene gebeurtenis wel? Is er genoeg diepgang?

Je kunt je vinger er niet opleggen en hebt al van alles geprobeerd om het op te lossen. Maar hoeveel boeken je ook leest, hoeveel research je ook doet, hoeveel je er ook over praat, hoe hard je ook nadenkt, niets werkt. Het lijkt wel of iets jou tegenhoudt.


Hoe kom je hier uit?
Dit soort issues laten zich meestal niet oplossen door ze te analyseren en beredeneren. Wat wel werkt, is als je jouw verhaal vanuit het gezichtpunt van je personages gaat ervaren.

Door letterlijk in hun schoenen te gaan staan en in jouw verhaal rond te lopen, komen er ideeën, gedachten en gevoelens aan de oppervlakte die je laten zien en ervaren waar het schort, schuurt en wat nodig is om jouw verhaal verder te brengen.

Hoe je dit doet? Door een systemische blik te werpen op het verhaal en de situatie die om een oplossing vraagt.


Hoe werkt die systemische blik op jouw verhaal?
Kenmerkend voor systemisch werk is het visueel maken van een situatie door middel van, bijvoorbeeld, een opstelling: het letterlijk neerzetten van de factoren die meespelen in jouw vraag.
Dit kan met behulp van een groep mensen maar ook heel simpel 1 op 1 met voorwerpen.

Van een afstand bekijk je deze verzameling factoren (het systeem). Hierdoor krijgt jouw verhaal de kans zich te presenteren. Patronen, verbanden en relaties zijn opeens zichtbaar en er worden jou hele andere zaken duidelijk dan dat je bedenken kunt.

www.of-wood.com (8)
Wil je proeven?
Met opstellingen ga je niet lichtvaardig om. Zeker niet als de verhalen die je naar buiten wilt brengen niet altijd even gemakkelijk zijn. Hier is kennis en kunde voor nodig van een geoefende systemisch begeleider.

Proeven aan opstellingen kan natuurlijk altijd: Bekijk je vraag en bepaal welke factoren hiermee samenhangen. Voor elke factor leg je een papier op de grond zoals jij denkt dat het goed is.

Eerst kijk je van een afstand. Schrijf op wat je ziet, wat je opvalt. Stel jezelf de vragen die je hebt: bijvoorbeeld of de verhoudingen kloppen. Verleg eens wat. Speel ermee. En zo ga je door totdat je denkt dat je alle informatie verzamelt hebt.

Ontspan en wees je bewust hoe je lichaam voelt,wat je denkt en ziet. Daarna ga je 1 voor 1 op de papieren staan, heel simpel. Laat elk element rustig tot je doordringen. Schrijf op wat je in je lichaam voelt veranderen. Welke gedachten bij je opkomen. De beelden die je ziet. En ook hier stel je jezelf de vragen die je hebt. Ook hier speel je. Als je genoeg informatie hebt van de een, stap dan uit en stap op een ander papier. Je zult zien dat je van de verschillende plekken, andere informatie krijgt.

Alles waar je een antwoord op wenst kun je op deze manier aan het licht brengen en verwerken in je verhaal, zoals:

Twijfel je over het einde van jouw verhaal? Vraag je jezelf af uit wiens perspectief je een bepaalde scene het beste beschrijft? Wat jouw verhaal nodig heeft om verder geschreven te worden? De antwoorden liggen voor het oprapen.

Of: Wil je jouw personages beter leren kennen? Wil je meer weten over hun uiterlijkheden? Wil je weten wat hen beweegt bepaalde keuzes te maken? Waar ze vandaan komen? Waar ze naar toe willen? Ze zullen jou de nodige informatie verschaffen.

Paper ball forming a lightbulb, white background

Uit de praktijk:
Opeens is het je bijvoorbeeld duidelijk dat je verhaallijn een andere wending neemt omdat de geplande verzoening er echt niet in zit. Dat het personage dat je eigenlijk wilde schrappen een hele belangrijke rol vertolkt voor de achtergrond van jouw verhaal. Of misschien kom je er achter dat de nodige binding met die ene personage zit in het deel dat je nog niet over hem of haar wist.

Systemisch met je verhaal aan de slag gaan, werkt dan ook als een reis langs de achterkant van de woorden. Voorbij wat geschreven wordt, maakt het zichtbaar wat verborgen ligt. Het geeft je een andere toegang tot jouw eigen belevingswereld, een enorme inspiratiebron waar je je tot aan de allerlaatste punt aan kunt laven.

 

NB. Schrijf je een (boek)verhaal? Heb je een vraag over jouw verhaal?
Maak nu een afspraak en profiteer van de ‘jaar van het boek’ aanbieding. Deze is geldig tot 31 december 2016.  

 

 www.steljeverhaalop.nl is een produkt van OF WOOD. 

3 basisregels om te zijn, zoals alleen jij dat kan

Er was eens een boompje.

Een klein boompje tussen grote bomen. Hij gedroeg zich alsof hij groot was. Net zo groot als zijn mede-bomen. Wilde met ze mee doen. Keek ze naar de ogen. Lachte als zij lachten. Boog met de wind mee als zij dat deden. Stond rechtop wanneer zij rechtop stonden. Grote verhalen hing hij aan ze op.

Als kleine boom wat ook groot wilde zijn hief hij zijn takjes hoog, en hield hij zijn blaadjes strak om maar zo groot mogelijk te lijken als hij kon. Zijn aandacht op de anderen gericht.

De grote bomen keken het aan. In het begin was het wel lollig maar naarmate de tijd verstreek keerden zij langzamerhand hun aandacht af van de kleine boom die steeds krampachtiger zijn takjes omhoog hield. Zo graag hij erbij wilde horen, keerden ze zich juist van hem af.

Eenzaam staat het arme boompje tussen de grote bomen. Langzaam zakken zijn takjes enige tijd later naar beneden, de blaadjes bungelen ondervoed  naar beneden.  En dan komt het moment dat het op is. Moe gestreden staat hij er moedeloos bij. Hij snapt er niets van en voelt zich diep ellendig. Waarom hoorde hij er niet bij? Hij had toch zo z’n best gedaan ?

Na enig denkwerk besluit hij de stoute schoenen aan te trekken en het aan de vriendelijkste boom te vragen wat hij nu moet.

De vriendelijkste boom luistert hem aan.
Denkt even na en zegt: ‘Mijn jongen, zo een grote boom niet kan doen alsof hij klein is, kan een kleine boom niet doen alsof hij een grote boom is.

Het is zoals het is: Een kleine boom tussen grote bomen hoort zich te gedragen als een kleine boom tussen grote bomen.

Je anders voordoen dan je bent is als zwemmen tegen de stroming in en kost je alleen maar energie. Energie die je had kunnen gebruiken voor zorg voor jezelf. Voor het voeden van jouw wortels, jouw stam, takken en je blaadjes. Energie die je had kunnen gebruiken om te zijn wie je bent en te worden wat je hoort te worden.

We hebben hier in het bos een aantal regels:
1. Elke boom heeft zijn eigen unieke plek. Jij dus ook. Neem die in. Dat is je recht. Alleen vanaf die plek kun jij doen wat jij moet doen. Jouw eigen bijdrage leveren. Op andermans plek staan geeft alleen maar onnodige ballast zoals je ervaren hebt. Laat dat wat van een ander is bij de ander en draag alleen datgene wat bij jou hoort.

2. Wij waren hier al voordat jij dat was. Jij kwam later bij ons staan. Dat is de orde die heerst. Als nieuw boompje is het onmogelijk voor op de ouderen te lopen. Dat jij later kwam wil overigens niet zeggen dat je minder bent. Je bent net zoveel van waarde als wij. Je bent goed en waardevol zoals je bent. Juist door dat wat je bent. Onthoud dat goed!

3. En dan is er nog een derde regel: Het geven en nemen hoort in balans te zijn. Wij, grotere bomen, wisselen gelijkwaardig uit. Jij als klein boompje mag nemen van ons, grotere. We weten dat jij ons niet volledig terug kunt geven wat wij jou wel kunnen geven. Dat is niet erg, zo hoort het. Zorg op jouw beurt voor de boompjes die na jou komen, of anderen die dat nodig hebben. Dat is voldoende. Zo wordt de balans hersteld.’

Het boompje hoort het aan.
Een gevoel van opluchting stroomt door hem heen. Wat een eye- opener! Hij hoeft niet te zijn zoals de anderen! Hij mag zijn wie hij is. Het geeft niet dat hij nog niet zo’n dikke stam heeft. Nog niet zo lang is met een enorme groene kruin. Dat zou zelfs raar zijn, beseft hij nu. Hij is zoals hij is, en zo is het goed.


Epiloog:
Het boompje heeft de raad van de vriendelijkste boom opgevolgd.
Hij heeft zijn plek ingenomen en is goed voor zichzelf gaan zorgen. De energie die hij eerder in zijn omgeving stopte, stopt hij nu in zichzelf. En dat is te zien! Zijn stam is al wat dikker, de wortels wat dieper en de blaadjes glanzen in de zon. Tot zijn grote verrassing versieren bloemknoppen veelbelovend zijn kruin. Trots staat hij tussen zijn grotere vrienden.

Nòg kleinere boompjes kijken bewonderend naar hem op. Zij gedragen zich zoals hij zich gedraagt. Lachen als hij lacht. Buigen mee als hij buigt. Kijken hem naar de ogen. Willen net zo zijn als hij.

Met de les nog vers in zijn geheugen ziet hij het aan, schudt vriendelijk zijn volle kruin en zegt: ‘Geloof me! Je anders voordoen dan je bent is als zwemmen tegen de stroming in en kost je alleen maar energie. Energie die je beter kunt gebruiken voor zorg voor jezelf. Voor het voeden van jouw wortels, jouw stam, takken en je blaadjes. Energie die je beter kunt gebruiken om te zijn wie je bent. Waardoor je groeit zoals alleen jij kunt groeien. Zodat je kunt doen wat alleen jij kan doen. Je bent goed zoals je bent, en zo is het.’

– Karen van Hout

 

Dubbel belicht, 5 signalen

In de Zorg draait het om het contact tussen de patient en de medewerker. Warme en menselijke relaties zijn helend voor alle partijen. Maar wat gebeurt als relaties verstoord worden? En hoe los je dat op?

In deze blog een uitleg over een verstoring in geval van “dubbele belichting”: wat het is, hoe dat op te sporen en op te lossen valt.

Rode lap

Rob, zorgprofessional in de ouderenzorg, kwam langs met het volgende. Hij doet zijn werk met heel veel plezier, heeft absoluut  hart voor “zijn” cliënten maar 1 persoon werkt op hem als een rode lap op een stier. Hij kan niet met de oudere man overweg. Hij vertelt dat hij zich er steeds ongemakkelijker onder voelt. “Hij heeft altijd heeft hij wat te mopperen”. “Ik kan het ook nooit goed doen”, voegt Rob er moedeloos aan toe.

Zoals te verwachten is, was de ’liefde’ wederzijds. Rob zag er steeds meer tegenop om bij de oudere man langs te gaan om hem te verzorgen. De man in kwestie reageert op zijn beurt ook nors en afwijzend op zijn komst en vraagt zelfs naar zijn collega – of hij die niet even kan sturen.

 

Systemische Opstelling

Rob stelt zichzelf en de oude man op aan de hand van de houten figuren waar ik o.a. mee werk. Meteen is ook zijn fysieke reactie te zien. In het kort: hij maakt zich klein, krijgt een andere blik in zijn ogen, bijna smekend om goedkeuring. Doe ik het goed?

***

Wat is die “Dubbele belichting”?

Een dubbele belichting wil zeggen dat we een persoon met wie wij op dit moment te maken hebben, onbewust verwisselen met een ander persoon uit ons verleden waar nog een claim op ligt. Beide personen worden niet meer als zelfstandige, geheel verschillende personen waargenomen. Wij reageren dan niet meer als volwassenen maar als toen,  als klein kind. De mens met wie we nu te maken hebben zien we dus niet zoals hij of zij werkelijk is.

 

 Aanwijzingen zijn:

– je gedraagt je niet op een manier die bij je leeftijd/positie past
– je reageert ongewoon heftig op de ander
– je voelt je ‘als kind’ behandeld door die persoon
– hij of zij doet je denken aan…..
– de relatie krijgt een ongepaste emotionele lading

De oplossing:

Het inzicht dat je de betreffende persoon verwisselt met iemand anders is een eerste stap naar de oplossing. Soms is dit al genoeg.  Zo niet dan brengt een simpele maar doeltreffende interventie een volgende stap. Je leert de twee personen uit elkaar te halen. Je leert dus de emoties, gevoelens en ook de mens te scheiden. De personen zelf zien voor wie ze werkelijk zijn.

***

Voor Rob:

In Robs geval verwisselde hij de oudere man met zijn vader. Iets in de man triggerde Rob op een oud zeer.

Voor Rob was het een eye opener. Hij had niet gedacht dat er nog een stukje uit zijn jeugd zo’n grote rol kon spelen in zijn huidige werk. Al heeft Rob een goede verstandhouding met zijn vader, altijd is er toch nog steeds dat zoeken naar goedkeuring, realiseert hij zich. Door de oefening kon hij zijn vader zien als vader en de cliënt als cliënt. Hij ziet de man weer zoals hij is en weet dat hij voortaan de ‘reactie op zijn vader’ achterwege kan en zal laten.

De behoefte aan goedkeuring,  het “vaderstuk” zal hij later nog bekijken maar voor nu is de vraag opgelost. Rob kijgt tips mee in geval hij nog de neiging krijgt om in het oude patroon te vallen.

En inderdaad. Enige tijd later spreek ik Rob weer. Het gaat stukken beter. Af en toe heeft hij de tips gebruikt om weer uit zijn patroon te raken maar over het algemeen gaat het goed en is het contact stukken verbeterd. Rob voelt zich er goed bij. “Ik kan de man zien zoals hij is”. Net zoals bij zijn andere cliënten.

En de cliënt op zijn beurt? Hij ziet en voelt de verandering en accepteert tegenwoordig zijn hulp, bijna dankbaar en zonder morren.

 

Ontdek ‘dat’ wat je nog niet weet

Ken je dat?

Dat er ”iets” speelt maar je kunt je vinger er niet op leggen? Iets wat niet benoemd kan worden maar waar je wel last van hebt? Dat z’n uitwerking niet mist?

Ken je dat? Dat je reageert op je collega op een manier die eigenlijk niet passend is? Je weet niet waar het vandaan komt maar je kunt het niet laten. Die persoon roept die reactie nou eenmaal bij je op.

Ken je dat? Je hebt je baan maar bent constant met andere zaken bezig die jouw aandacht vragen. Het lijkt wel of je twee banen hebt.

Doelen halen, liefde, relaties, het lukt je niet hoe hard je je best ook doet. Hoeveel boeken je ook leest, hoeveel je er ook over praat. Je kunt je vinger er niet op leggen. Herken je dat? Of een van de punten hier boven? Misschien kun je zelf nog iets noemen?

Door systemisch te werken wordt het onzichtbare, ‘dat wat je nog niet weet’, zichtbaar gemaakt. In plaats van te focussen, zoom je uit. Kijk je naar de verschillende elementen die met jouw vraag samenhangen. Verbanden, patronen, relaties tussen deze elementen.

Ik hou ervan. Om te onderzoeken en te ontdekken. Juist naar dat onzichtbare. De verborgen schat in jou zelf. Ik geloof in de potentie van ons allemaal. Het enige wat ons tegenhoudt is dat we niet altijd door hebben wat we precies kunnen. Of wat we nodig hebben. Welke hulpbronnen we hebben. En wat we willen.

Hoe kun je die ontdekken?

– Maak het groter, zoom uit, “zet jezelf in het publiek”.
– Kijk naar het podium van het leven, wat speelt zich af?
– Kijk naar je medespelers en factoren die met je vraag samenhangen.
– Laat het zich presenteren, laat het gebeuren.
– Wat zie je? Wat voel je? Wat zie je gebeuren?
– Verander iets, speel ermee, wat gebeurt er dan?

Er ontstaan inzichten in storende factoren en ook is zichtbaar wat je kunt doen om het “script” te herschrijven zodat het weer “klopt”. De mogelijkheden zijn in zicht, duidelijkheid wordt geschept en het doel komt steeds dichterbij.

Hoe fijn is dat!?

Het is zoals het is

Het is zoals het is, zeggen ze.

Dooddoener? Misschien. Maar ook in dooddoeners zit een kern van waarheid. Want verandert er iets aan een situatie alleen maar omdat je dat liever ziet?

Helpt het om zaken te vergoelijken? Een dikke laag emotie mee te geven? Alle moeite ten spijt, er verandert niets aan de situatie.

Het zoals het is, zeggen ze.
Hier in zit ook troost. Het betekent dat het niet beter is, maar zeker ook niet slechter. Het maakt dat dingen zijn zoals ze zijn. Zich voordoen zoals ze voordoen. Erger wordt het niet.

Het is zoals het is, zeggen ze.
De emoties eruit en de feiten bloot. We kunnen ernaar kijken. Zo kunnen we ook zien hoe de situatie feitelijk in elkaar zit en welke aspecten je kunt veranderen.

Een situatie is nooit statisch maar veranderlijk.

Dat is zoals het is en het klopt.

Karen van Hout